Roos Fikenscher
[terug naar de beginpagina]

Werken in de driehoek cliënt - ouders - hulpverlener

Over de kracht van wederzijdse erkenning en betrokkenheid tussen ouders en hulpverlener van een cliënt

“Je bent nooit ex-ouder”
“Als hulpverlener ben je passant ”

Elk kind wordt geboren in een driehoek van een vader en een moeder, de belangrijkste driehoek in een mensenleven. 
Hierin ontstaat het zogenaamde gezinssysteem, een netwerk van relaties.
In deze driehoek, dit gezinssysteem, leer je over het in relatie staan tot een ander, over betrokkenheid en loyaliteit, je krijgt normen en waarden voor je verdere leven mee.
Kort gezegd: gezinscultuur.
Maar wat gebeurt er als het kind een handicap heeft?
Wat doet dit met een gezin en hoe beïnvloedt dit gegeven de onderlinge verbanden?

Iedere hulpverlener - die zelf ook verbonden is in de persoonlijke driehoek van vader-moeder- kind - brengt zijn eigen gezinscultuur mee het werk in.

Het middel (familie-)systeemopstellen brengt meer helderheid in wat zich afspeelt in de verschillende driehoeken.
We zien wat zich afspeelt in de driehoek waar het gezinssysteem van de cliënt en het gezinssysteem van de hulpverlener elkaar ontmoeten.

Een goede relatie en wederzijdse betrokkenheid tussen ouders en hulpverleners is de basis voor goede zorg aan de cliënt.

Mijn eigen affiniteit met dit onderwerp houdt verband met mijn eigen persoonlijke driehoek.
Ik ben geboren in een gezin waarvan een van de leden een meervoudige handicap heeft.
Sinds mijn eenentwintigste levensjaar heb ik in deze tak van de gezondheidszorg gewerkt bij diverse instellingen.
Daarnaast ben ik me gaan verdiepen in het systemisch werk en geef ik regelmatig workshops.
Momenteel ben ik met mijn werk betrokken bij een project dat op verschillende manieren aandacht vraagt voor het belang van wederzijdse erkenning en betrokkenheid tussen ouders en hulpverlener.

Zo wordt mijn lot mijn bestemming, mijn krachtbron.

 

Maatwerkproject in de driehoek

In de lente van 2009 heb ik leerlingen van het ROC De Leijgraaf begeleid in het lesprogramma 'Samen kom je dichterbij'. Meer informatie over dit project is hier te lezen.

Hieronder volgen mijn eigen indrukken van 'Samen kom je dichterbij'.

Opnieuw bleek hoe mooi en krachtig dit middel is. De aanwezige ouder - die bereid was zijn eigen systeem op te stellen in de klas!- zag in de opstellingen hoe pittig de positie van de medewerker is. Daarnaast werd ook de dynamiek bij de niet-gehandicapte zoon zichtbaar.

De leerlingen hebben – als representanten in verschillende posities – ervaren  wat het betekent om kind, het brusje, casemanager, cliënt of ouder te zijn. Zij raakten stuk voor stuk onder de indruk. Een aantal van hen zal deze ervaring meenemen de praktijk in. Zij zullen nooit meer hetzelfde aankijken tegen bijvoorbeeld een "weerbarstige" ouder. Ook weten zij nu meer over afstand en nabijheid.
De ouder zal meer respect hebben voor die lastige tussenpositie die een medewerker heeft.
Dit is een bijzondere eerste stap geweest naar ‘Samenwerken in de driehoek’.

De opstellingen:

Eerst was het gezin van de aanwezige ouder het uitgangspunt.
We hebben de dynamieken in het gezin zelf onderzocht en geduid.
Vervolgens werd zichtbaar wat er met de afzonderlijke gezinsleden gebeurt wanneer er een hulpverlener wordt ingeschakeld.
Hier werd ook de dubbelrol zichtbaar van de medewerker: als steun in de rug voor de ouder en als professional (professioneel, dus afstandelijker maar met de nodige vakkennis, ervaring en bekwaamheid) die het belang van de cliënt (het kind van dezelfde ouder) vanuit zijn kennis en ervaring moet ondersteunen. De medewerker pendelt voortdurend hiertussen heen en weer.

Vervolgens hebben wij nog een casus vanuit de leerlingen opgesteld.
De startvraag was: wat is mijn positie in de relatie tussen de cliënt en zijn moeder?
Hier werd zichtbaar hoe kwetsbaar je bent als hulpverlener en dat je met veel geduld moet meebewegen met de ouder. Ook dat je veel moet investeren om het vertrouwen te winnen en te behouden.
In ieder geval kon de leerling en de andere aanwezigen de ander kant van het verhaal zien.
Zij zagen vooraf slechts de niet te doorbreken symbiotische band tussen kind en ouder.
In de opstelling was zichtbaar hoe de cliënt leed onder die gedachte en de houding die daaruit voorkwam.

Het maakt zichtbaar welke - vaak onbewuste - dynamieken een rol spelen in de driehoek cliënt - familie/verwant - medewerker. Bewustwording van deze dynamieken opent de weg naar een verbeterde samenwerking.

Voorbeeld:
Als je als medewerker inzicht hebt in wat jou als persoon en professional beweegt ben je beter in staat om de professional te scheiden van jou als persoon. De spanning ontstaat waar er een onbewuste overlap bestaat. Met behulp van een opstelling kan je beter leren werken vanuit je kracht en eigenheid en ben je meer in staat om professionele afstand te bewaren.

Het middel van familieopstellingen/systemisch werk kan een bijdrage leveren aan het welzijn van alle betrokkenen in de zorg.

Systemisch werk werpt een ander licht op de reeds aanwezige ervaringen binnen de sector. Het geeft een completer beeld met een vruchtbare en soepele samenwerking in dienst van het welzijn van de cliënt.

 

Praktische informatie

Zie de praktische informatie bij nieuwe bewegingen in de zorg.